
Sylvia Deepen, landbouw attachee voor Spanje, Portugal en Marokko
Hierbij een interview met de landbouwattachee voor Portugal, Sylvia Deepen
Het ministerie van Landbouw heeft ruim 50 LNV-afdelingen in evenzoveel landen. Elke
maand maken we kennis met een van onze verre medewerkers.
11 vragen aan Sylvia Deepen, LNV-Raad te Madrid, verantwoordelijk voor Spanje, Portugal
en Marokko
1. Wat zou u doen als u dit werk niet deed?
Waarschijnlijk was ik óf de advocatuur ingegaan óf bij een internationale organisatie
terechtgekomen.
Toen ik met het ministerie in aanraking kwam, raakte ik snel geboeid door het brede
werkterrein van LNV. Ik heb sindsdien met plezier verschillende functies op het
internationaal vlak vervuld.
2. Wat moet iedereen weten over Spanje, Portugal en Marokko?
Spanje is een heel divers land met zeventien autonome gewesten, die meestal weinig op
hebben met elkaar en met de centrale overheid in Madrid. Spanjaarden zijn individualisten
en hebben een natuurlijke afkeer tegen gelijkmakerij. De overwinning van het Spaanse
elftal tijdens het EK in 2008 was een van de weinige momenten dat er sprake was van een
nationaal ‘wij-gevoel’.
Wat verder opvalt is dat men de tijd neemt voor elkaar, de contacten zijn doorgaans veel
persoonlijker dan ik in mijn vorige functie in Berlijn gewend was. Terwijl wij in Nederland
geneigd zijn onder het genot van een ‘luxe broodjeslunch’ met de deur in huis te vallen,
moet je voor een lunchafspraak in Spanje ten minste twee en een half uur uittrekken.
Zaken doe je na het hoofdgerecht. Dat geldt – zij het in iets mindere mate – ook voor
Portugal.
Marokko is Europa’s onbekende buur in Afrika. Het is een gematigd islamitisch land dat
nauwe banden met het Midden-Oosten en een goede relatie met de VS heeft. Aan het hoofd
staat een jonge, hervormingsgezinde koning die de balans moet zien te houden tussen
fundamentalistische groeperingen enerzijds en de wens naar vernieuwing anderzijds. Het is
niet alleen in het belang van Marokko, maar ook van Europa om hem daarbij alle geluk te
wensen.
3. Wanneer denkt u ‘dit is een mooie dag’?
Dat denk ik eigenlijk iedere dag. Ik heb een mooie en veelzijdige baan, een leuk team en ik
mag agrarisch Nederland in een boeiende regio vertegenwoordigen. Wat wil je nog meer?
4. Wat is uw grootste ergernis?
Ik werk in een interessant gebied met vriendelijke mensen, dus ik erger me nauwelijks
ergens aan. Behalve het verkeer in Madrid misschien. Daar houdt de vriendelijkheid op. En
het feit dat de Spanjaarden buitensporig veel plastic gebruiken dat vervolgens op dezelfde
hoop belandt als de rest van het huisvuil. Er is laatst door een grote retailer uitgerekend
dat elke consument gemiddeld driehonderd plastic zakken per jaar mee naar huis neemt.
Dat is wel erg veel.
5. Voor wie heeft u bewondering?
Voor mijn man, die al voor de derde keer in negen jaar tijd met mij meeverhuisd is.
6. Welke sector laat hier absoluut kansen liggen?
Ik merk dat de meeste Nederlandse bedrijven hun kansen op de Spaanse, Marokkaanse en
Portugese markt zien én grijpen. Nederland is niet voor niets de tweede landbouwexporteur
ter wereld. De grote uitdaging is deze positie ook in de toekomst te behouden.
7. Hoe staat het met duurzaam ondernemen?
Duurzaamheid is zeker een issue in Spanje en Portugal. Spanje investeert bijvoorbeeld in
duurzame energie en is wereldwijd de nummer drie op het gebied van windenergie.
Duurzaam watergebruik is eveneens een belangrijk aandachtspunt. Maar ook in de
levensmiddelensector is er steeds meer aandacht voor duurzame productie. Spanje is
bijvoorbeeld een grootverbruiker van biologische bestrijdingsmiddelen, met name in de
paprikateelt. Over dierenwelzijn maakt men zich daarentegen minder druk. In Marokko is
duurzaamheid op de lokale markt geen thema, maar voor de exportgeoriënteerde bedrijven
wel. 70% van de Marokkaanse landen tuinbouwexport is bestemd voor de Europese markt.
Men weet dat men aan bepaalde eisen moet voldoen. Nederland steunt deze ontwikkeling
door middel van verschillende samenwerkingsprojecten bijvoorbeeld op het gebied van
veterinaire en fytosanitaire controle.
8. Wat kan er op uw werkterrein beslist beter?
De exportcertificering met Marokko. Dat moet beslist sneller.
9. Welk lokaal gerecht is uw absolute favoriet?
Ik werk in drie landen met elk een fantastische keuken, maar als ik moet kiezen dan wordt
het de Portugese. Cataplana, een stoofschotel met vis of vlees en veel verse groente is mijn
favoriet.
10. Met wie zou u een avond op stap willen?
Cees Nooteboom. Hij heeft prachtige verhalen over Spanje geschreven en aangezien hij veel
tijd op Menorca doorbrengt, ligt een ontmoeting toch bijna voor de hand…
11. Uw sleutelwoord voor de toekomst?
Je gaat het pas zien als je het door hebt.
uit: Berichten Buitenland, nummer 7/8, juli/augustus 2009 14





0 Respostas to “Onze landbouwattachee: Sylvia Deepen”