-texto em Português-
De Dia de Campo met Bovisul was een succes. Lees hier een verslagje en hier de presentaties.
De produktieketens voor voer, voedsel, energie en chemie raken in toenemende mate in elkaar verwikkeld. De melkveehouderij, en zeker onze grootschalige bedrijven, maken hoe dan ook onderdeel uit van die veranderingen, door onze behoefte aan voer, strooisel, energie, en onze produkten melk en mest. Om goed op de hoogte te blijven en zéker om pro-actief kansen te kunnen benutten zijn allianties onderling én met anderen van groot belang. Een collectief bedrijf voor promotie en verkoop van energie oplossingen is een goede “herberg” voor dergelijke allianties.
Portugal biedt kansen; veranderingen al ingezet
Wie bij de Dia de Campo was heeft kunnen zien dat er ook voor Portugal wel degelijk potentie zit in hernieuwbare energie. Vooral zonnecollectoren (dus niet fotovoltaïsch) en mestvergisting lijken de moeite waard voor onze bedrijven. Mestvergisting zal wel op andere manieren moeten dan in Nederland en elders in Europa; voorlopig meer als een mest-milieu oplossing waarbij energie voor eigen gebruik geproduceerd wordt, dan als echte inkomstenbron voor de markt. Toch zegt het gezond verstand dat in Portugal, een land zonder enige fossiele brandstoffen, maar mét grote hoeveelheden zon en biomassa (38% bos), hernieuwbare energie een positie zal veroveren.
In elk geval zijn er dingen aan het veranderen in de markten voor organische rest-stromen, dat merken we al aan de moeilijkere verkrijgbaarheid van strooisel. Melkveehouders, als producenten en kopers van voer, strooisel en met het bij-produkt mest, maken hoe dan ook onderdeel uit van die veranderingen. Onze bedrijven, relatief grootschalige moderne melkveehouderij met jaarrond opstallen, zijn uniek in vergelijking met de melkveehouderij in de rest van Portugal. Juist daarom hoeven we geen pasklare oplossingen of antwoorden van anderen te verwachten.
Nu: Vergisten als aanvullende maatregel bij uitrijden mest
Daarom en omdat de condities hier (zowel fysisch als politiek-economisch) heel anders zijn dan in West of Noord Europa is het nodig eigen oplossingen te ontwikkelen. Een oplossing die voor de hand ligt is naar Amerikaans voorbeeld van “covered lagoons”, waarbij de bassins voor dunne mest overdekt worden met plastic om zo het biogas wat zich vormt af te vangen. Een oplossing die niet heel veel oplevert maar ook niet veel kost. De mest (na vergisting) kan worden uitgereden of verder behandeld worden. De kwaliteit als meststof is verhoogd, het volume verminderd en het milieu is gebaat. Een andere mogelijkheid zou kunnen zijn: de zelfbouw vergister uit China, in modules van 10 m3, die Sunergy propageert. Voordelen: -véél lagere aanvangsinvestering, je kunt bovendien ‘klein’ beginnen; en minder gevoelig voor processtoringen omdat er meerdere vergisters zijn.
Op termijn: toch leveren aan derden….. van electriciteit…
Maar ook op de electriciteitsmarkt is heel wat aan het veranderen, er wordt flink gelobbied (onder andere door Quercus) om het regime voor micro geracão aantrekkelijker te maken. Er zijn nu nog weinig voorbeelden, maar “men zegt” dat het over enkele jaren heel gebruikelijk zal zijn, ook voor kleinere producenten, om stroom aan het net te gaan leveren.
….of misschien gas… of “kunst”mest?
Wat volgens het meest recente rapport van Courage (innovatie denktank voor de melkveesector in NL) mest-co-vergisting ook zonder subsidie rendabel maakt is levering van gas (dus niet stroom) aan derden. Een tankauto zou biogas bij boeren kunnen ophalen en naar een zuiveringsinstallatie kunnen brengen, waarna het als aardgas, flessen gas of transportbrandstof (soort LPG) gebruikt kan worden. Hier zou een kans kunnen liggen voor onze Portugese situatie: 1) de gasmarkt is hier meer divers (door ontbreken aardgasnet) en de prijzen veel hoger; en 2) “leapfrogging”: leren van NL en de hele electriciteitsfase overslaan. Dat scheelt ook de dure omzetting van gas naar stroom op de boerderij.
Een andere mogelijkheid is om het digestaat wat na vergisting overblijft, op te waarderen en als kunstmest te verkopen. Voor al deze oplossingen om meerwaarde te creëren geldt dat er samenwerkingen nodig zijn: niemand van ons kan het alleen.
Pasklare oplossingen zijn er niet
Het lijkt nog erg ver weg allemaal. Er zijn op dit moment geen pasklare toepassingen voor onze bedrijven voor handen. Niemand weet hoe het moet of hoe het rendabel kan. Dat zal ook zeker zo blijven als we niks doen! Een enkele dappere pionier probeert wat uit: zo waren vader en dochter Uziel en Diana Carvalho uit de buurt van Leiria aanwezig, die net een vergister voor 200 koeien hebben gebouwd. (Nog niet in produktie.) De warmte willen ze benutten in een kassencomplex wat ook bij hun eigen bedrijf hoort.
Maar -hoe nuttig ook- om toepassingen te ontwikkelen die breed in de sector toegepast kunnen worden hebben we niet genoeg aan de pioniers: we zullen moeten samenwerken met derden: ontwikkelaars van technologie, onderzoekers, andere schakelpartners in de voer, voedsel, energie ketens. En samen met die anderen óók vergunning-verleners en de beleidsmakers. De verbanden die we nodig hebben om in deze tijd van verandering succesvol te zijn zijn veel nauwere samenwerkingsbanden dan we van vroeger uit gewend waren. Investeren in relaties dus. Die investering is geen verspilde tijd en moeite, want ook voor de toekomst zullen we die relaties goed kunnen gebruiken.
Niet lullen maar poetsen
Hoe “herberg” je die relaties dan? Deze dia de campo was wel leuk, maar hoe nu verder? Als we het hierbij laten gebeurt er verder natuurlijk helemaal niks. Het idee is ontstaan om een centraal punt te hebben om dit thema voor onze sector verder te brengen. Misschien hebben jullie het voorstel gezien voor een “collectief bedrijf”, op de blog Agroenergia. Een bedrijf, en niet een associatie of stichting, omdat we weliswaar niet afkerig zijn van subsidies, maar ons daar zeker niet primair op willen richten. Het bedrijf zal zichzelf moeten kunnen bedruipen. Omdat we geloven in de oplossingen geloven we ook dat dat kan.
Waarom stapt dan niet één van ons er alleen in, waarom moet het een collectief bedrijf zijn? Omdat, zoals gezegd, de meerwaarde onstaat door de relaties tussen de betrokkenen. Als je loyaal bent aan elkaar kun je waarde creëren, en alleen dan. Die loyaliteit, én die gecreerde waarde, kun je zichtbaar maken in een collectief bedrijf. Afgelopen vrijdag hebben we daarover doorgepraat. De boeren Paisana (Salvaterra), Barão (Benavente) en Carvalho (Leiria) waren erbij, verder Augusto Carvalho van Sunergy en ik. Het streven is om nog meer mensen te betrekken. We hebben gepraat wat de activiteiten zouden moeten zijn, en wat dus de structuur. Meedenkers zijn welkom! Meer in een volgende blogpost.
Recente reacties | Reacções